#Denker blog – Rot virus

#Denker blog - Rot virus

Het lijkt alsof er geen einde aan komt. En als je zoon vraagt: komt het nog wel goed met papa, gaat hij niet dood? Dan uit hij wat je zelf bijna niet durft toe te geven. Gaat hij het wel redden? Hoelang blijft dit duren? Komt hij hier ooit uit?

Corona is echt een rot virus. Als het toeslaat en je gevloerd wordt, kan je niets meer. Stel je je ergste herinnering voor van een griep. En dan nog erger, constant hoofdpijn, koorts, slap, moe, hoesten, hoesten, hoesten, tot aan kotsen toe. 

En hoewel het voor iedereen anders verloopt, en daarom zo moeilijk vatbaar is: als het je ernstig te pakken krijgt, ben je bang voor je leven!

Weet je wat het ergste is? Voordat je zelf verschijnselen krijgt, ben je al besmettelijk. Je loopt al een paar dagen het virus rond te strooien, zonder dat je zelf weet dat je het hebt. Ja, als je verschijnselen krijgt, is het duidelijk. Maar daarvoor weet je niet eens dat je anderen in gevaar brengt!

Mijn man knapt iets op. Ik dank het universum. Maar dit meemaken, wil je niet. Dus: was je handen, draag een mondkapje en houdt afstand! 



#Denker blog – Besmet

Besmet

Eerst ben je de enige in huis. Dan blijkt, na een dag of vier, dat ook je man en zoon zijn besmet. Ook Corona. Hoofdpijn, koorts, vermoeidheid, verkouden, maar geen verlies van geur of smaak. 

En het valt redelijk mee, vinden de mannen. Voor mijn jonge zoon blijkt dat ook zo te gaan. Het verloop van de ziekte is voor hem het meest mild. Waar ik mij zeer moe en lichtelijk benauwd voel, is hij vooral verkouden en heeft hij hoofdpijn. Maar hij redt het zonder paracetamol.

Ik zweer bij paracetamol. Om de 6 uur slik ik twee pillen, zodat de rauwe randjes eraf gaan. En na een week lijkt het in ieder geval beetje bij beetje beter te gaan. 

Alleen begint dan het grote zorgen maken, want mijn man ligt vet in de lappenmand. Hij kan niets meer, heeft hoge koorts en hoest zo erg, zo erg, dat het soms lijkt dat hij zijn longen eruit hoest. En iedere dag hoop je dat het beter gaat, maar het blijft maar hetzelfde. 

Angst overheerst. Steeds stel ik hem de vraag: voel je je benauwd? Want dan bel ik meteen de huisarts! En dat is het enige positieve: geen ademnood. 

#Denker blog – Quarantaine

Quarantaine

Afgezonderd in een kamer zonder slot. Vrijwillige opsluiting. Want ik ben positief getest op corona.

Het zo te zeggen is makkelijker dan toe te geven: ik heb corona. 

En als het is bevestigd, door de test, de gevolgen: ik ben met mensen in contact geweest. Die moeten het allemaal weten. Want je weet zelf niet dat je besmettelijk bent, die paar dagen voordat je verschijnselen krijgt. Heel naar. 

Velen zijn benieuwd. Wat maak je mee? Het begon bij mij met koortsig voelen. Gedurende de nacht merkte ik dat ik koorts had. En een kriebelkeel. Thee is al mijn lievelingsdrank, nu drink ik het constant, met honing. Ook had ik hoofdpijn, spierpijn, mijn hele lijf deed pijn, en was ik moe.

Ik had angst: wat gaat er gebeuren? En overgave: ga maar slapen, neem rust, hoop dat het meevalt. 

Nu merk ik wat het is: besmet zijn. Ik lig thuis afgezonderd in onze slaapkamer. Ik mag er voorlopig niet meer uit. Ik krijg eten en drinken voor de deur gezet, want mijn gezin heeft (nog?) nergens last van. Het is ontsmetten wat de klok slaat. Zo min mogelijk aanraken, steeds een mondkapje voor. En hopen dat ik niemand anders besmet. 

#Denker blog – Rust of ruzie?

Rust of ruzie?

Hij komt op zondagochtend. Hij parkeert zijn rode autootje naast de vijver. De vijver waarop wij uitkijken vanuit ons huis. Waar wij, elke ochtend, genieten van de troep meeuwen die zich daar in en om het water vermaken. 

Hij zet zijn tentje op, zet een grote doos met spullen neer, plaatst twee hengels visklaar langs de kant en verdwijnt daarna in zijn tentje. Urenlang. Het is niet duidelijk of de vissen bijten, waarschijnlijk is dat ook niet de reden waarom hij daar zit. Wij zijn nieuwsgierig wat dat wel is. “Hey, daar is hij weer: onze visser. Klokslag 10 uur. Denk je dat hij behoefte heeft aan rust? 

Aan een paar uur heerlijk ontspannen zitten, in de verte kijken, wachten tot de vissen bijten? Even afstand nemen van zijn werk?

Of misschien ontwijkt hij een onrustige thuissituatie? Even afstand nemen van zijn partner, pubers? Heeft hij misschien ruzie? Of is dit voor hem gewoon zijn manier van reflecteren op zichzelf en zijn medemens?”

Wij weten de reden niet. Rond lunchtijd pakt hij alles weer in. Hij breekt zijn tentje af, laadt de doos en zijn twee hengels in. Stapt in zijn autootje en vertrekt. Tot ziens, visser!

#Denker blog – De tweede lockdown

De tweede lockdown

Nogmaals een lockdown. Vreselijk, maar het meest veilig op het moment. 

Want de klad kwam erin. Je denkt dat het wel meevalt: jij doet voorzichtig. Totdat je het krijgt en onbedoeld anderen hebt besmet. Nu zijn we weer op scherp gezet.

En ik betreur alle negatieve, nare effecten ervan. Wel is mij één ding glashelder geworden: Vanuit huis werken werd altijd gezien als iets waar misbruik van gemaakt zou worden. Nu blijkt dat het niet zo is. In feite win je er tijd mee.

Vergaderingen zonder reistijd. Dat scheelt heel wat uren, waarin nu werkzaamheden gedaan kunnen worden. En tijdens de vergaderingen kun je nu niet meer door elkaar praten. Dat werkt niet digitaal. Dus we leren op elkaar te wachten, naar elkaar te luisteren en elkaar te laten uitpraten. Een goede voorzitter is hierbij essentieel.

 

Een eigen dagindeling. De vrijheid om te kiezen wanneer je je werkzaamheden uitvoert, zolang je maar je deadlines haalt. En bereikbaar bent tijdens kantooruren. Of ben ik de enige die overdag wat meer met het gezin bezig is en zich ‘s daarom avonds wijdt aan de zakelijke werkzaamheden? 

Er gaat veel stuk. Maar er komen hierdoor ook nieuwe inzichten en mogelijkheden.

Roodborstje

In ons plaatselijk dorpsblad de Heraut stond dit mooie gedichtje. 
Niet alleen leuk vanwege de mooie woorden die dit sprankelende beestje beschrijven, maar ook omdat het in het neerzetten van de woorden op deze manier, het roodborstje ook visueel zichtbaar wordt. Ik kon het niet laten deze voor jullie te plaatsen. Enjoy!

#Denker blog – Verslaafd

Verslaafd

Ik hou er niet van ergens aan verslaafd te zijn. Ik doe mijn hele leven al mijn best om  cafeïne te weren, niet aan de drugs te gaan, seks met mate te bedrijven. Ik hou er gewoon niet van ergens aan verslaafd te zijn.

Dat werkt best wel door. Het is zelfs zo erg dat ik niet hou van verslaving aan stopwoordjes. Onlangs betrapte ik me erop dat ik iets ‘ernstig’ grappig vond, of ‘ernstig’ ontspannend. Zodra ik het in de gaten kreeg, was het met dat woord gedaan. Ik verwijderde het ‘ernstig’ weer snel uit mijn dagelijkse woordenbibliotheek.

Ik hou er simpelweg niet van ergens aan verslaafd te zijn. Voor mij geen herhalende handelingen waaraan je een verslaving herkent. Dat je ergens afhankelijk van wordt en niet meer zonder kan. 

En toch… Er is één ding dat ik maar niet kan laten. Ik moet wel, voor mijn werk, anders kom ik nergens. En thuisblijven is geen optie. Eén keer per week sta ik me langs de weg te verbijten, want van deze verslaving raak ik niet af.

Iedere week is het raak: doe ik weer die slang in die auto en: pompen maar. Ben ik dus toch verslaafd…

#Denker blog – Menstruatie en overgang

Menstruatie en overgang

We praten er veel te weinig over. 

In een prachtige podcast van De Dag (NPO1): “waarom we over tampons moeten praten” blijkt dat we het bespreken van menstrueren wegmoffelen. 

Het is ‘de tijd van de maand’, vrouwen en meisjes vragen aan elkaar: ‘Heb jij nog …?’

Als jongens een keer een tampon in handen krijgen, weten ze van gekkigheid niet wat ze moeten doen. En mannen weten niet of ze willen, en of zij wel of niet wil, seksen als ze ongesteld is.

Wat de overgang betreft, is het net zo: vrouwen praten er met elkaar nauwelijks over, maar ze hebben er wel last van. Sommigen zelfs zo erg dat ze niet meer normaal kunnen functioneren. Mannen, dokters en zelfs gynaecologen, weten er weinig van en begrijpen niet wat er gebeurt als een vrouw in de menopauze belandt. Het zorghormoon verdwijnt en dus heeft de vrouw minder zin zichzelf weg te cijferen. Dat zijn ze niet gewend. Een nieuw evenwicht moet ontstaan.

Er mag, nee, moet! dus veel meer over gepraat worden. Weten hoe het lichaam functioneert, is nodig. Zodat je veel meer kan genieten met en van elkaar. En jawel, daar hoort ook de penis(pauze) bij…

 

#Denker blog – Vogelvrij

Vogelvrij

Ik heb iets met vogels. Dat begon buiten mij om, omdat ik geboren ben als Hoogkarspelder en dat zijn nu eenmaal allemaal blauwe reigers. 

De blauwe reiger is een prachtige vogel, hij kan urenlang stilstaan, als uit steen gehouwen. Wachtend tot die vis langs zwemt. Om dan op het juiste moment met zijn spitse snavel toe te slaan en de vis te vangen. Dat wachten op het juiste moment is een prachtige eigenschap van een vogel. Dat zouden wij mensen ook vaker kunnen doen.

Net als die andere eigenschap: de lucht in en vliegen. Vogelvrij vliegen. Boven de wereld hangen en rustig naar beneden kijken, naar wat zich daar afspeelt.

Want als je kijkt vanaf een afstand, worden de handelingen van de verschillende personen duidelijker. Je laat je gevoelens varen en kijkt alleen maar.

Van veraf zie je wat werkelijk belangrijk is. De problemen waarin je normaal verstrikt bent, lijken kleiner. Normen en waarden spelen minder mee. Wat belangrijk is, telt.

Het is mijn ideaal net zo vrij te zijn als een vogel. Die haar eigen weg volgt, alleen of samen met andere vogels. Die op eigen kracht vliegt naar haar hoogtepunt, en ziet dat haar wereld goed is. 

#Denker blog – Afscheid

Afscheid

Nu ik weet dat het afscheid komt, komen de herinneringen. 

Mijn vader maakt slierten-yoghurt. Hij klimt bovenop de tafel en staand op de tafel strooit hij een straal yoghurt precies midden in het bord. Zonder knoeien.

Mijn vader is Prins Carnaval. Op een praalwagen, omringd door zijn Raad van Elf, staat hij te zwaaien met de scepter en zo’n aparte hoed op. Hij is degene die in de feestzaal  de woordjes doet en steeds begint met ‘alaaf!’.

 

Mijn vader gaat bij de dagjes uit in de speeltuinen Linnaeushof en Slagharen altijd overal in.  Hij laat ons zien hoe we moeten lopen in de molenwiek. Hij vindt het fantastisch om mee te racen in de achtbaan. 

Toen ik studeerde, ben ik wel een aantal keer verhuisd.  Het was een en al gemopper wat de klok sloeg. Maar elke keer rijdt mijn vader de auto en aanhanger voor. En hij tilt de zwaarste spullen de aanhangwagen in en uit.

Voor mijn oudste dochter is hij een hele lieve opa. Hij wordt zachter. Ze kruipt, als ze bij mijn ouders logeert, altijd in de kom van zijn arm en babbelt daar. Hij kan niet tegen haar tranen. 

Fijne herinneringen, doen me goed.